4 juli 2020 » 23-10-1019

23-10-2019: ORDE!

Orde! Die speaker in het Engelse parlement kan er wat van! Ik kijk graag naar hem Wat een zooitje is dat in dat parlement,  naar mijn mening. Iedereen zit bovenop elkaar, geen beenruimte, geen ruimte voor papieren op een tafeltje.. Hoe krijgen ze dat toch voor elkaar? Die Brexitperikelen vind ik zo langzamerhand hilarisch! Maar ook triest. Van orde merk ik niets.

Orde is een woord waarvan ik houd. In ons land is dat woord ook aan de orde. De boeren, de bouw, het onderwijs, alles en iedereen is actief. Prima. Maar wel soms buiten de orde.

Orde is voor mij: volgens de regels. Je kunt het niet eens zijn met die regels, maar dan ga je daar met in achtneming van de regels tegen in. Geen geweld, maar gesprek. Die bestorming van het stadhuis in Groningen is voor mij buiten de orde. Zo ga je niet met onenigheden om. Dat is buiten de regels. Bovendien werkt dat negatief.

Vanmorgen hoor ik steeds over nieuwe organisaties in het onderwijs: Scholen het hele jaar open. Buiten de orde van nu.

Het werkt en het werkt niet. Dat hoor ik steeds. Wat moet ik nu geloven?

Ik ga af op mijn eigen ervaringen in het onderwijs. Meer dan 40 jaar onderwijs, in alle mogelijke functies, is niet niets. Ik weet, waarover ik praat.

Voor mij stond steeds het welbevinden van de kinderen voorop.

Ik had grote moeite met al die toetsen. Je wordt als school afgerekend op de uitslag van de Cito-toetsen. Prestaties staan voorop. Als de cijfers maar goed zijn, is alles in orde.  In mijn tijd kon je de cijfers van kinderen, die minder presteerden wegstrepen, zodat je er als school beter uitkwam. Dat heb ik altijd geweigerd. Het gaat mij niet om de cijfers. Mij gaat het om die kinderen.

Aangepast onderwijs. Iedereen op eigen niveau. Prima. Maar…

Werkt dat in de maatschappij ook zo? Afgezien van het feit, dat dat organisatorisch in ons huidige onderwijssysteem volgens mij helemaal niet mogelijk is, vraag ik me af, of dit goed is voor de kinderen.

Verschillen in talenten en mogelijkheden zijn er gelukkig. Erken dat. Waarom moet een jongen, die geïnteresseerd is in techniek, eerst naar de universiteit, terwijl hij elke vrije tijd doorbrengt bij een installatiebedrijf en daar heel gelukkig is? Ik noem maar een voorbeeld.

Het gaat tegenwoordig zo vaak om prestaties, carrière, aanzien. Ik heb daar niets mee. Ik heb ervaren, dat mensen me beoordeelden op het feit, dat ik directeur van een basisschool geweest was. Nou, daar was ik helemaal niet trots op. Ik had er ook niet zelf voor gekozen, ben er ingerold door verdrietige omstandigheden. Het werk op de werkvloer is volgens mij veel belangrijker dan dat van een directeur.

Laat de minister zich oriënteren op die werkvloer. Vanaf die plek, aan het begin van de ladder, kunnen er veranderingen plaatsvinden.

Dat geldt volgens mij ook bij de boeren, de bouw, enz. Niet van bovenaf iets bedenken, maar bij de praktijk beginnen.

Dat is de goede orde.

 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.